Geen leden, toch ondernemingsraad

Geen leden, toch ondernemingsraad
Geen leden

Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?

Feiten

Een ondernemer betwist het bestaan van de ondernemingsraad en erkent geen instemmingsrecht voor de wijziging van het dienstrooster. Gedurende het hoger beroep over deze kwestie, vertrekt het laatste lid van de ondernemingsraad. Het advocatenkantoor van de OR vordert rechtstreeks betaling van de onderneming, maar de bestuurder weigert de declaraties te betalen. Hij meent dat na het vertrek van het laatste OR-lid geen grond meer was om nog langer werkzaamheden voor de ondernemingsraad te verrichten.

Gerechtshof

Het Hof merkt op dat het ‘niet meer bestaan van de ondernemingsraad’ geen reden was voor de ondernemer om het door hem ingestelde hoger beroep tegen de ondernemingsraad in te trekken. De advocaat hoort als gevolmachtigde vertegenwoordiger, ook nadat de ondernemingsraad geen leden meer heeft, de lopende procedure af te handelen. Het indienen van het verweerschrift in hoger beroep is hiervan een voorbeeld, want dat kan niet zonder nadeel worden uitgesteld. Het Hof wijst er op dat het ontbreken van leden niet inhoudt dat de ondernemingsraad is opgeheven. Dit kan pas tegen het einde van de lopende zittingsperiode en daarvoor dient de weg te worden gevolgd van artikel 5a WOR. De ondernemer moet de declaraties van het advocatenkantoor alsnog betalen.

Commentaar

Het Hof is van oordeel dat de advocaat verplicht is om in een lopende procedure de noodzakelijke proceshandelingen te verrichten, zoals het indienen van een verweerschrift. Artikel 5a WOR bepaalt dat de ondernemer op grond van een belangrijke wijziging van omstandigheden de vrijwillige ondernemingsraad kan opheffen bij het eindigen van de lopende zittingsperiode. Een voorbeeld is een flinke vermindering van het aantal werknemers. De instemming van de zittende ondernemingsraad met zijn eigen opheffing is op zichzelf geen belangrijke wijziging. De ondernemer dient zijn besluit tot opheffing vervolgens schriftelijk mede te delen aan de bedrijfscommissie. Indien de ondernemingsraad, de werknemers of de vakorganisaties menen dat zich geen belangrijke wijziging van de omstandigheden heeft voorgedaan, kunnen ze de bedrijfscommissie vragen om bemiddeling en advies. Vervolgens kan de kantonrechter beslissen of de ondernemingsraad in stand wordt gehouden.
Onderwerpen aanpassen

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.